Groe(n)ten van d’n Hof augustus 2019

Wat waren we blij met de regen, toen die eindelijk ging vallen! Net als vorig jaar was de droogte weer een enorme uitdaging. Groentebedden verzorgen is in de zomer sowieso veel werk, maar als het dan ook nog zo lang, zo droog is, dan dreigt zelfs de grootste optimist wel eens te wanhopen. Ben je toevallig in zo’n periode ook nog met vakantie, en heb je geen genereuze buur m/v die jouw tuin nat houdt, dan kan het zomaar gebeuren dat je bij thuiskomst een treurige dorre boel aantreft waar niets meer te oogsten valt.

In de permacultuur proberen we zoveel mogelijk natuurlijke omstandigheden te creëren, maar hoe dat er uit zag, in de parken en in de Maashorst, daar werd je ook niet blij van. Wat te doen? Daar hebben we het regelmatig over gehad aan de stamtafel. Sproeien, natuurlijk, maar hoe vaak en hoe veel? En wat als het volgend jaar weer zo droog is? Hoe maken we de tuinen robuuster, zodat we meer toekomstbestendig zijn? Een paar dingen hebben we geleerd, allemaal open deuren als je ze op een rijtje zet, maar we werden weer eens met de neus op de feiten gedrukt:

  • Vaak sproeien leidt tot “luie” planten die oppervlakkig wortelen en dus steeds vaker onze hulp nodig hebben. Dus af en toe een plens is beter dan elke dag een beetje.
  • We zullen al het vocht dat er valt dus zo lang mogelijk in de tuin moeten houden. Thuis betekent dat: regenpijpen afkoppelen, wadi’s aanleggen of tonnen zetten.
  • Hoe beter de kwaliteit van de bodem is, hoe beter die vocht kan vasthouden. In onze Brabantse zandbodem betekent dat heel veel organisch materiaal toevoegen inde vorm van mulch en compost.
  • Mulchen, dus het oppervlak afdekken met een dikke strooisellaag, remt de verdamping. Kale plekken zijn het eerste droog, dus afdekken!
  • Sommige planten zijn op termijn misschien wel niet meer zo geschikt voor onze steeds warmere en drogere zomers, dus moet je die koste wat kost in je tuin willen houden? Denk bijvoorbeeld aan de meeste hortensia’s (behalve de Hydrangea paniculata). Maar warmte minnende planten gaan het misschien wel beter doen. Wie heeft er al een abrikoos in de tuin? Of een amandelboompje? De vijgen en druiven doen het ook geweldig!

Zo heeft elk nadeel ook weer zijn voordeel, maar het vraagt wel van ons dat we ons willen aanpassen. Dat begint bij heel goed observeren wat er gebeurt, en vervolgens keuzes durven maken. Oplossingen van gisteren zijn waarschijnlijk niet de beste antwoorden op de vragen van morgen.

__________________________________________________________________________________________

Groe(n)ten van d’n Hof – April 2019

D’n Hof is dank zij de permacultuur een oase van biodiversiteit. Dat beweer ik met gepaste trots en vanuit de zekerheid dat onze eigen ecoloog Nico Ettema en andere deskundigen van buiten dit jaar na jaar vaststellen en bevestigen. We werken hard aan het bevorderen van de biodiversiteit door veel planten te zetten die aantrekkelijk zijn voor insecten, te zorgen voor veel variatie aan gewassen, en monocultuur te vermijden, en natuurlijk door nooit of te nimmer met schadelijke middelen te spuiten of te mesten. En dat loont!

Vorig jaar is door Pieter van Breugel, de grote specialist op het gebied van wilde bijen, een bijenhotel op d’n Hof gezet. Dat hotel zorgde vorige week voor enige reuring en een filmpje op Facebook, want er hing een complete groep bijen rond het hotel. Een zwerm? Het hotel was toch voor solitaire bijen? De meesten van ons hebben er niet genoeg verstand van en dus ontstond enige onrust. Maar gelukkig kon Nico ons gerust stellen: het ging wel degelijk om solitaire bijen, namelijk rosse metselbijen. Die leggen hun eitjes in de grotere gangen van een bijenhotel, in de rietstengels en de bamboe (6-8mm). Ze danken hun naam aan het gebruik van bolletjes klei, waarmee ze na elk gelegd eitje een wandje “metselen” om daarna het volgende eitje te leggen. Zo werken ze van achter naar voren het hele gangetje af. In de gangetjes wordt vaak “ingebroken” door mezen die de larfjes opeten, maar de exemplaren achterin overleven doordat ze onbereikbaar zijn. De metselbij heeft de reputatie erg creatief te zijn in het vinden van geschikte plekjes, elk gaatje en gangetje wordt benut. En ja, ze vliegen vaak rond in groepjes, maar deze groepjes zijn niet te vergelijken met echte bijenzwermen van honingbijen. Dan gaat het om honderden bijen of meer.

Een tweede toevoeging aan de fauna van d’n Hof is egel Sophie, een egel die door de egelopvang Boekel bij ons is uitgezet. Er is al een egelfamilie op d’n Hof, maar er kunnen er nog wel wat bij. De veilige en rustige omgeving en het grote aanbod aan voedsel (slakken in alle maten en soorten, emelten, enz.) zal hopelijk leiden tot een uitbreiding van de populatie. En de egelopvang weet ons vanaf nu te vinden.

Na de gezellige en drukke plantjesmarkt van 23 maart zijn we inmiddels gestart met de voorbereidingen van de Open Dag op 1 juni. Ook daar houden we weer een gezellige markt met plantjes en nog veel meer!